Panna cotta van yoghurt met ananas

De panna cotta van yoghurt van Jeroen Meus is ondertussen een vast onderdeel geworden van mijn dessertbuffetten, als ik zo’n groot woord mag gebruiken om die te beschrijven. Gewone panna cotta vind ik nogal zwaar, alsof je een opgesteven klont room zit op te lepelen. Kan lekker zijn, daar niet van, maar een licht dessert is het allerminst te noemen. En daarom is de versie van Jeroen Meus zo ideaal. Minstens dubbel zo licht en nog eens heerlijk fris dankzij de yoghurt. Bovendien kan je jezelf gezellig wijsmaken dat dit een min-of-meer gezond dessert is, want yoghurt is goed voor je. Hoera.

Panna cotta van yoghurt met ananas
voor ongeveer 8 kleine potjes – werk: 30 minuten – wachten: min. 4 uur

- 2 blaadjes gelatine (ong. 3,5 g/stuk)
- 3 eetlepels amaretto
- 200 milliliter room
- 200 milliliter yoghurt
- 6 eetlepels honing
- 1 vanillestokje
- een halve ananas
- verse munt

Week de blaadjes gelatine in koud water. Verwarm vervolgens de amaretto in een pannetje op een laag vuurtje en los de gelatine erin op. Wie liever geen alcohol gebruikt, kan ook gewoon heet water gebruiken. Roer dan in een ruime mengkom de room, de yoghurt en de honing door elkaar. Snijd de vanillestok overlangs door, schraap er met een mesje de zwarte zaadjes uit en voeg toe aan het mengsel. Roer er tenslotte de opgeloste gelatine door. Giet daarvoor een beetje van het room-yoghurtmengsel bij de gelatinevloeistof terwijl je goed roert, en doe dat dan in de mengkom bij de rest van het mengsel. Blijf roeren tot je een glad en egaal mengsel hebt. Verdeel dat vervolgens over de potjes of glaasjes waarin je de panna cotta wil serveren. Vul de potjes zeker niet tot de rand, want er moet natuurlijk nog ananas op. Zet ze dan voor minstens vier uur in de koelkast. Ik maak ze doorgaans een dag op voorhand zodat ze de hele nacht kunnen opstijven, en doe de ananas er pas de volgende dag op.

Schil de ananas en verwijder ook de bruine puntjes in het vruchtvlees. Snijd de ananas in de lengte in vier stukken en snijd er vervolgens het taaie hart uit. Snijd het vruchtvlees dan in plakjes en vervolgens in fijne blokjes. Hak de munt fijn en meng hem onder de fijne stukjes ananas. Haal de opgesteven panna cotta uit de koelkast en schep in elk glas wat ananassalade.

2014-05-18 10.50.48

Uit Dagelijkse Kost van Jeroen Meus

 

Citroenlimonade

 

IMG_9817

Een winterpicknick leek mij een idyllisch idee om een verjaardag te vieren. Als je in het koudste van de vier seizoenen verjaart, moet je er het beste van maken. Dus exact een maand na mijn vierentwintigste verjaardag nodigde ik een hoopje vriendinnen uit om in mijn tuin op de grond te komen zitten en ondertussen (veel te veel) te eten en te drinken. Zeven van mijn allerliefste vriendinnetjes daagden op voor een namiddag vol lekkers en gezellig kletsen, of dat is toch hoe ik het zou omschrijven. De winterpicknick werd een allegaartje van (volgens mij) fijne ideeën: Sinaasappelkratjes als plateau, glazen bokalen -recht uit de glasbak- als drinkglazen, een verknipt boeket bloemen als decoratie, een oude dekbedovertrek als picknick deken, papieren rietjes uit de Hema en heuse goodiebags als afsluiter om het feestje thuis nog een beetje verder te zetten. Je weet wel, zoals je ze vroeger kreeg na een verjaardagsfeestje, met serpentines, een bellenblaasje, een lolly en een kinderchocolaatje. Nostalgie ten top, als je ‘t mij vraagt. Het begon met de supersuccesvolle champagnecocktail, vergezeld met kommen vol hartig lekkers en eindigde met koppen warme chocolademelk met zoetigheid (onder andere rijsttaartjes, de appel-kriekentaart en een mojitotaart). Tussen die twee schonk ik de glazen bokalen ook nog eens vol met zelfgemaakte citroenlimonade, die bij alle aanwezigen bijzonder in de smaak viel. En terecht. Je hoeft niet op warme zomerdagen te wachten, voor een beetje zon zorg je makkelijk zelf.

Citroenlimonade
voor ongeveer 1 liter – werk: 15 minuten – koelen: 30 minuten

- 250 milliliter water
- 100 gram suiker
- 250 milliliter citroensap (van ongeveer 5 citroenen)
- 450 milliliter koud water
- 1 citroen ter garnering

Warm in een klein kommetje de suiker op in 250 milliliter water tot de suiker volledig opgelost is. Het mengsel vormt de basissiroop voor je limonade. Halveer ondertussen de vijf citroenen en pers ze uit. Je zou met ongeveer 250 milliliter moeten eindigen, al kan een beetje meer zeker geen kwaad.

Doe het citroensap en het suikerwater in een kan. Voeg er 450 milliliter koud water aan toe en roer alles onder elkaar. Proef en voeg eventueel meer water toe als je de limonade te zuur vindt. Zet dan voor minstens een halfuur in de koelkast. Serveer met schijfjes citroen.

IMG_9821

IMG_9790

IMG_9794

IMG_9876

IMG_9895

IMG_9787

Appel-kriekentaart

Ondertussen kent zowat iedereen ongetwijfeld mijn standpunt in verband met verjaardagen: ze moeten (al dan niet groots) gevierd worden. Ik denk niet dat ik op dat gebied ooit nog van gedachte zal veranderen. En dat hoeft ook niet, vind ik zelf. Je moet niet vragen hoe geweldig ik het dan ook vind om compleet verrast te worden, zoals afgelopen vrijdag. Op zondag – D-day – wilde ik een lentepicknick houden, maar helaas besloot ik dat wat te laat, waardoor er maar weinig respons kwam en ik het idee aan de kant schoof. Er kwamen wel twee vriendinnen langs, wat bijzonder gezellig was. We dronken een glaasje, praatten (veel) bij en aten taart, zoals dat hoort op verjaardagen.

Ja, ik heb mijn eigen verjaardagstaarten gemaakt. Aangezien ik de voorbije vijf maanden doorgebracht heb in een appartement met een verschrikkelijke oven en dus niet aan bakken toekwam, vond ik dat helemaal niet erg. De goden waren mij zelfs goed gezind, want ik kneedde en rolde deeg uit zonder dat het plakkende ramp werd waar ik na tien minuten op stond te vloeken. Dat was vooral van toepassing bij de bresiliennetaart, die ik hier binnenkort ook eens zal plaatsen, want voor deze appel-kriekentaart kreeg ik de hulp van de geweldige Stefanie, naar wie alle eer voor het ‘vlechtwerk’ dan ook mag gaan. Thanks, babe.

Appel-kriekentaart
Voor een taart van ongeveer 28 centimeter doorsnede – werk: 30 minuten – wachten: 1 uur + 40 minuten

Kruimeldeeg
- 400 gram bloem
- 1 theelepel zout
- 250 gram koude boter, in blokjes
- 6 à 8 eetlepels ijswater
- 1 eetlepel azijn

Vulling
- 400 gram krieken, uit blik of pot
- 250 milliliter vocht van de krieken
- 2 eetlepels maïzena
- 15 gram suiker
- 750 gram appels (type Granny Smith)
- 1 eetlepel citroensap
- 1 eetlepel boter
- 1 ei

Roer in een middelgrote kom de bloem voor het kruimeldeeg los met het zout. Doe de blokjes boter erbij en werk ze er met de handen doorheen tot je mengsel op grof broodkruim lijkt. Voeg zes eetlepels ijswater en de azijn toe en schep de vloeistof met een rubberen spatel door de bloem en de boter. Druk het daarbij steeds tegen de randen van de kom. Voeg net zoveel water toe tot het een stug deeg is. Leg dat op het werkvlak, vorm het tot een bal en wikkel die in plasticfolie. Leg dan minimum een uur in de koelkast. Maak ondertussen de vulling.

Meng in een kookpotje de krieken met de suiker. Strooi de maïzena in een kopje en maak aan met het opgevangen kriekenvocht. Giet die vloeistof bij de inhoud van de kookpot en laat op een laag vuur pruttelen tot het begint in te dikken, waarbij je af en toe roert. Schil ondertussen de appels, verwijder de klokhuizen en snijd het vruchtvlees in stukjes. Doe die in een kom met wat citroensap. Meng er de krieken onder van zodra die genoeg gedikt zijn. Verwarm ook de oven voor op 200 °C.

Haal het deeg uit de folie en verdeel in twee- en een derde. Rol het grootste deel uit op een koel werkvlak, bij voorkeur een marmeren blad, tot een cirkel die groot genoeg is om je bakvorm te vullen (Groter dan het grondvlak ervan dus, want je moet rekening houden met de randen.) Vet je bakvorm in en bestuif hem met bloem. Bestuif de deegrol met bloem en drapeer het deeg er voorzichtig overheen. Til voorzichtig in de taartvorm en laat langzaam zakken. Drapeer er losjes over. Werk het deeg vervolgens met de vingertoppen in de vorm. Schep de vulling in de voorbereide bodem en verdeel de boter er in vlokjes over.

Neem voor het vlechtwerk het resterende deeg uit de folie en rol uit. Snijd het met een mes of deegwieltje tot repen. Leg de helft van de repen gelijkmatig over de vulling, vouw vervolgens elke reep tot ongeveer de helft terug en leg er een andere kruislings over. Leg de repen weer terug zodat alles mooi plat ligt. Ga zo door tot alle repen verwerkt zijn en snijd de overhangende randen weg. Klop het ei in een kommetje los en bestrijk het deeg ermee. Bak de taart ongeveer 40 minuten tot het deeg goudbruin is en de vulling gaar.

 

2015-02-22 13.08.44 2015-02-22 15.06.32

2015-02-22 16.25.18

2015-02-22 16.48.51

2015-02-22 19.43.18

Gebaseerd op een recept uit Taarten & Vlaaien van Carla Bardi & Rachel Lane

Ricottataart met appel

Laatst ging ik op date met vriendinnen waarmee ik al veel te lang niet afgesproken had. Niets fijner dan dat, denk ik dan. Het werd een avond van gezellig bijpraten, gepaard met lekker eten. En wat heeft een vrouw eigenlijk meer nodig dan dat? Omdat wat onder de meisjes gezegd wordt natuurlijk ook onder de meisjes blijft, kan ik het alleen maar over het eten hebben. En dan vooral over het dessert. Niet mijn eigen dessert, de tartufo nero, ook al was dat heel lekker, wel dat van mijn (overigens zwangere!) vriendin: de ricottataart.

Op zoek naar een recept dus, om dat heerlijke gebak na te bootsen. Gezocht en gevonden, niet hélemaal hetzelfde als op restaurant (dat kan het gezelschap geweest zijn ook, natuurlijk), maar wel heel erg lekker en dus zeker het uitproberen waard. Volgens het recept gaat de taart een vijftigtal minuten in de oven, maar mijn eigen ervaring zegt dat dat wel iets langer mag/moet zijn.

Ricottataart met appel
Voor ongeveer 6 personen – werk: 30 minuten – wachten: 1 uur – bakken: 60-90 minuten

Taartbodem
- 210 gram koekjes (ik gebruikte Véritable Petit Beurres)
- 80 gram boter, gesmolten

Vulling
- 4 eieren
- 700 gram ricotta
- 130 gram suiker
- 1 theelepel maïzena
- 1 theelepel vanille-extract
- 150 milliliter room
- 2 appels

Verwarm de oven voor op 160°Celsius en bekleed een ronde taartvorm met een doorsnede van ongeveer 20 centimeter met bakpapier.

Breek de Petit Beurres in stukken, giet er de gesmolten boter bij en mix alles fijn met een staafmixer. Schep het mengsel dan in de taartvorm, druk aan en zet voor een uur in de koelkast.

Splits de eieren. Doe de eierdooiers samen met de ricotta, de suiker, de maïzena, het vanille-extract  en de room in een kom en meng tot een glad mengsel. Klop dan de eiwitten tot stijve pieken en spatel het geklopte eiwit vervolgens voorzichting onder de rest van de ingrediënten. Schil tenslotte de appel en snijd hem in plakjes. Haal de bakvorm uit de koelkast, leg de appelschijfjes op de bodem en giet er dan het mengsel op. Bak minstens een uur in de voorverwarmde oven, en test dan met een prikker of de taart klaar is. Er mag niets meer aan je prikker blijven gangen als je die uit de taart haalt.

IMG_3110

IMG_3113

Van www.braunhousehold.com

Pavlova’s in een glaasje

Toen mij gevraagd werd om een dessertbuffet te maken, maakte ik al snel een lijstje van alles wat ik erin wilde stoppen. Alles moest klein en fijn zijn en er vooral heel mooi uitzien, en natuurlijk moest er voor elk wat wils tussen zitten. Bovenaan het lijstje prijkte tiramisu met speculoos, gevolgd door aardbeienmousse -want het was op dat moment tenslotte nog volop zomer- en een soezentoren. Ik was echter ook redelijk vastbesloten om een mooie, kleine en verfijnde versie van de intussen alombekende merveilleux te maken. Over een avontuur van een Keukenprinses in wording gesproken…

Ik begon met het bakken van kleine schuimpjes. Of beter: Ik probeerde kleine schuimpjes te maken met een ietwat regelmatige vorm. Dat deed ik door zo’n ronde metalen vorm nat te maken met koud water, hem op een bakplaat bekleed met bakpapier te zetten, te vullen met eiwitschuim en dan weg te halen. Geen idee waarom ik dat allemaal zo nauwkeurig beschrijf, want het lukte langs geen kanten. Pas op, het zag er echt heel mooi uit op de bakplaat en ‘t zou gegarandeerd een succes worden, helaas dachten de schuimpjes daar zelf anders over. Eens in de oven, besloten ze immers helemaal uit te lopen en van vorm te veranderen. Resultaat: geen kleine en fijne schuimpjes.

Feit is dat ik geen opgever, maar een doorzetter ben. Poging twee bestond uit het gebruiken van diezelfde metalen ring, maar dit keer om rondjes te proberen steken uit de gebakken schuimpjes. Dat lukte zo ongeveer een beetje, maar echt fijn en mooi zagen ze er niet uit, en dus besloot ik om mij helemaal uit te leven op de schuimpjes, ze volledig te verkruimelen en ze samen met de aardbeien en de slagroom in laagjes in een glaasje te doen. Resultaat: een eigen variatie op de merveilleux. En lekker! Jongens toch.

Pavlova’s in een glaasje
voor ongeveer 8 (wijn)glazen – drogen: 2 à 3 uur – werk: 30 minuten

- 3 eieren
- 200 gram fijne suiker
- 500 ml slagroom
- 250 gram aardbeien
- eventueel 1 citroen
- (vanille)suiker naar smaak

Verwarm daarvoor de oven voor op 90°C. Ontvet de kom waarin je de eiwitten gaat opkloppen door er een klein beetje azijn in te doen, en dat open te wrijven met een stukje keukenpapier. Droog de kom dan af met een schone keukenhanddoek. Doe de eiwitten in de kom en klop ze stijf met een elektrische klopper. Voeg er gaandeweg in de 200 gram suiker bij en klop tot het een stevige massa is.

Neem dan een bakplaat en bekleed die met bakpapier. Schep daar torentjes van het eiwit op met behulp van twee lepels. De vorm hoeft zeker niet perfect te zijn, want je verkruimelt de schuimpjes later toch. Schuif de bakplaten in de voorverwarmde oven en laat de schuimpjes 2 à 3 uur drogen. Twee uur is denk ik wel het minimum, daarna moet je af en toe gaan controleren. Als de schuimpjes gemakkelijk van het bakpapier loskomen en krokant breken, zijn de klaar. Laat ze in de oven afkoelen en haal ze eruit.

Snijd terwijl de schuimpjes afkoelen de aardbeien in blokjes, pers er eventueel het sap van een halve citroen bij en voeg ook twee eetlepels vanillesuiker toe. Roer alles onder elkaar en zet even in de koelkast. Breek dan de schuimpjes. Maak de stukken zeker niet te klein, anders blijft er niets meer van over nadat je de glaasjes samengesteld hebt. Misschien is het zelfs wel beter om de meringues gewoon in twee te breken en ze zo te gebruiken.

Klop de slagroom op in een schone kom, en voeg er naar smaak suiker bij. Ik gebruik daarvoor altijd mijn ‘zelfgemaakte’ vanillesuiker. Ik gooi uitgeschraapte vanillestokjes namelijk niet weg, maar stop ze in een pot met suiker, waardoor die een heerlijk vanillearoma krijgt.

Als alle onderdelen klaar zijn, kan je de glaasjes samenstellen. Dat doe je eigenlijk het best zo kort mogelijk voor het opdienen, zodat de merengue zo krokant mogelijk blijft. Leg onderaan de glaasjes meringue, spuit er dan een laagje slagroom op en schep er een lepel aardbeien over. Doe dat ongeveer twee keer (afhankelijk van de grootte van je glaasjes). Als je de glaasjes toch wat op voorhand wil maken, kan je ze al samenstellen, maar dan gewoon zo lang mogelijk wachten om de laatste laag merengue erop te doen, dan blijft die toch krokant.

IMG_3124